May 28 2016

Gloei Peel en Maas: sociale innovatie in de praktijk

  • 20 mei 2016, ‘Van de kook’, verhalen voor een gas(t)vrije wijk, energiedialoog
  • Kirsten Notten, Waterschrijver en ontwikkelaar concept Van de Kook
  • In opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken

Van de Kook 20 mei 2016 © Gloei (12) klein  Van de Kook 20 mei 2016 © Gloei (4) Van de Kook 20 mei 2016 © Gloei (19)

Natuurlijk had ik het gehoopt. Een ‘Van de kook’ sessie om al etend over gasvrij verwarmen en koken te praten in Limburg in het voorjaar vraagt om het witte en rode goud van de zandgrond. Ik word meer dan verrast. Op de grote tafel in het kantoor van Gloei staan bamboebakjes klaar met stukjes aardbei, rauwe flinters asperge en slierten van een zoete rode dressing. Ik trek even een wenkbrauw op bij de combinatie, maar het is verrukkelijk.

Gloei Peel en Maas bestaat uit mensen uit het bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties, ondernemers, overheid en betrokken burgers. Mensen met passie voor duurzaamheid. Het is een kennis- en netwerkorganisatie die zich inzet voor de lokale leefomgeving. Toen we belden met de vraag of zij mee wilden doen aan de energiedialoog, hakte de enthousiaste communicatie-dame meteen de knoop door. Haar bestuursleden waren op vakantie, maar natuurlijk wilden ze meedoen.

Biefstuk van een hert uit een lokaal natuurterrein

Gloei heeft kantoor in een oud en leegstaand fabrieksgebouw in Panningen, gemeente Peel en Maas. Het is een gigantische lege ruimte waar een lange tafel gedekt staat, met aan de kop twee ficussen en een flapover. Om een hoekje branden twee houtskool BBQ’s klaar voor onze energiezuinige maaltijd: aardappel-asperge salade en biefstuk van een hert uit een lokaal natuurterrein. Op de zak houtskool staat: ecologisch. We maken wat grapjes over de marktwaarde van die claim.

Twintig mensen schuiven aan. Een gezelschap zo divers als een commerciële bioscoopexploitant, een landschapshealer, een wethouder, een architect en een arme sloeber in een strak wit pak. Ik nodig ze om te vertellen over een moment dat energie niet vanzelfsprekend voorhanden was. Er komen een paar stoere vakantieverhalen voorbij. Een vader heeft zijn twee kinderen meegenomen. Ze eten mee, luisteren naar de verhalen en spelen in de grote hal van Gloei.

In de jaren ’80 een zwembad verwarmen met zonne-energie

Mijn buurman heet Hans. In de jaren ’80 verwarmde hij het zwembad met zonne-energie. Ik vraag hem naar zijn overstap naar duurzaam leven. Hij weet niet meer wanneer of waarom dat was. Hij deed dat vanzelf. Tot zijn verdriet zijn de meeste mensen helemaal niet met energieneutraal bezig, terwijl het evident goedkoper en beter is. Maar hij weet ook niet hoe we die mensen hier wakker voor kunnen maken. Het economisch systeem is volstrekt afhankelijk van fossiele brandstoffen. Volgens hem kunnen de Grieken hun schulden zonder eigen energiebronnen dan ook nooit terug betalen.

Mijn andere buurman heeft minder energie nodig. Hij leeft in contact met zichzelf en kan met zijn bewustzijn energie aan de aarde vragen. Dat helpt om het energieprobleem op te lossen. Hij is landschapshealer geworden.

Na drie gangen van de houtskool BBQ, veel verhalen en uitwisselen van meningen over de noodzaak van duurzaamheid, zet ik ze aan het werk. Drie groepen met elk een eigen opdracht voor sociale innovatie. Als ik vraag wie er op het niveau van systeem en samenleving aan de slag wil, roept de hele groep: Hans! Bescheiden neemt hij de leiding over die groep.

Klein beginnen om het systeem te veranderen: van 220 naar 12 volt

Terwijl de drie groepen verspreid over de immense ruimte aan het werk zijn, komen de kinderen naar me toe om aan te kondigen dat ze iets voor me gemaakt hebben. Het is ondertussen 22.00 uur. We zijn alle drie nog verrassend helder en fris.

De groep voor de systeeminnovatie wil dat we klein beginnen in de energietransitie zodat je langs wet- en regelgeving kunt. Als je kleine initiatieven aan elkaar koppelt, maak je massa en kun je die wetten aanpassen. De multi-nationals moeten van de bal af, mensen moeten weer meer gemeenschap, overheid en coöperaties vormen. Een voorbeeld is de overstap van 220 naar 12 volt. 220 volt heb je alleen over grote afstanden nodig, maar in de wijk kun je met 12 volt toe. Dat geeft minder energieverlies.

De groep was op zoek naar een andere taal en waardesysteem. Ze willen niet alle waardes in geld uitdrukken of duurzame energie enkel als een boekhoudkundig voordeel te zien. Niet enkel sturen op geld. Wel sturen op gezondheid, lange termijn en andere waarden. Er was een wens voor een andere economie. Minder consumeren, meer kwaliteit. Waarom zouden we hetzelfde comfortniveau willen houden? 30 jaar geleden was het leven ook goed.

De kinderen hebben een tekening voor me gemaakt

Terwijl groep 2 haar inzichten over sociale innovatie wil presenteren, onderbreekt de communicatie dame van Gloei het verhaal. De kinderen hebben ieder een tekening voor me gemaakt. Het meisje van een jaar of vijf heeft een ballerina en een voetballende jongen getekend, omdat sport energie geeft. De jongen van een jaar of acht laat me een huis met zonnepanelen zien, met een oproep tot zonnepanelen. Zonnepanelen hebben volgens hem vier voordelen: gratis energie, goed voor milieu, ze lokken samenwerking uit en zijn goedkoper. Windenergie heeft maar twee voordelen: goed voor het milieu en gratis energie. De kinderen vertegenwoordigen meteen het vierde niveau van sociale innovatie: de toekomstige generaties.

De landschapshealer legt vervolgens uit dat je wijken met een gunstige energie kunt bouwen, met Feng Shui en waterpartijen op de juiste plek. De bioscoopexploitant luistert geïnteresseerd. Iemand anders roept dat je niet meer met steen moet bouwen, maar met alternatieve methodes. Ronde huizen zonder gevels, bouwen op het zuiden. In Peel en Maas willen ze het gaan doen.

Informatie en geld als knelpunt

Het grootste knelpunt voor energieneutraal op het niveau van het huis zijn informatie en geld. Installateurs hebben niet voldoende kennis en adviseren bijvoorbeeld dat je een subsysteem nodig hebt, mocht de electra uitvallen. Ook blijven ze adviseren om gas te gebruiken omdat het goedkoper is. Bovendien zijn hun belangen niet altijd inzichtelijk zoals de provisie die ze per ketel en niet per warmtepomp ontvangen. De groep heeft grote behoefte aan betrouwbare informatie, los van marktbelangen. Gloei zou die rol graag op zich willen nemen.

De architect legt uit dat je de maandelijkse aflossing van je investering in een energieneutraal huis kunt beschouwen als je maandelijkse energierekening. Ik vraag hem over welke termijn hij deze berekening maakt en of mensen dat willen. Hij haalt zijn schouders verontschuldigend op. Nee, zelf heeft zijn huis energieneutraal gemaakt met spaargeld. Iemand anders aan tafel kreeg een erfenis en kon daarmee aan de slag. De arme sloeber roept dat hij nog geen cent kan investeren. Iedereen zucht. Eigen geld lijkt een voorwaarde om bestaande bouw energieneutraal te maken.

Plagen met stokpaardjes

Aan het eind van de avond roept iemand dat we maar naar de evenaar toe moeten verhuizen. Ik reageer dat die mensen juist naar ons willen komen. Hij aanvaardt het. De transitie is niet zo simpel te volbrengen. Wel zijn we tevreden over de avond. Het is een groep die durft te twijfelen aan vanzelfsprekendheden en met nieuwe alternatieven komt. De boodschap vanuit Gloei voor de energiedialoog is dan ook: meer samenwerking en dialoog tussen alle betrokken partijen.

De voorzitter heeft nog een hartenkreet. Hij zou willen dat de mensen van het ministerie aanwezig zijn. Dan horen ze wat er speelt, weten ze hoe het onderwerp leeft, hoe betrokken de mensen zijn en dat er een andere manier van denken nodig is.

Het zijn niet zozeer de verhalen of de voorstellen die me deze avond verrast hebben. Het is de ontmoeting, waarin een commerciële jongen naar een spiritueel verhaal over energie luistert en waar mensen elkaar plagen met hun stokpaardjes, die ik mee naar huis neem. Het was alsof ik in een Italiaanse film terecht ben gekomen. Deze mensen vormen een gemeenschap. Dat vraagt niet enkel goede afspraken maar ook de kunst om met verschillende soorten mensen om te kunnen gaan en van elkaar afhankelijk te kunnen zijn. Daarmee doen ze aan sociale innovatie in de praktijk. Ze leven zoals ze de toekomst voor zich zien.

 

Van de Kook 20 mei 2016 © Gloei (13) Van de Kook 20 mei 2016 © Gloei (2) Van de Kook 20 mei 2016 © Gloei (4) Van de Kook 20 mei 2016 © Gloei (3)

Laat een bericht achter